Ernst van Koesveld (VWS): ‘Het is belangrijk dat cliëntenraden hun stem laten horen’

08 dec Ernst van Koesveld (VWS): ‘Het is belangrijk dat cliëntenraden hun stem laten horen’

Foto’s: APA

Het Landelijk Congres Cliëntenraden 2019: Veerkrachtig samenwerken trok zo’n duizend bezoekers. Een duidelijk bewijs dat de nieuwe Wet medezeggenschap cliënten zorginstellingen (Wmcz2018) de volle aandacht heeft van cliëntenraden. Terecht: inspraak hadden cliëntenraden al maar dat is niet per se invloed. Medezeggenschap geeft die invloed wel.

Cliëntenraden kanaal voor inspraak

‘Vijf jaar geleden was het uniek en nu zitten hier duizend mensen alsof het nooit anders was.’ Een mooiere manier om het eerste lustrum van het Landelijk Congres Cliëntenraden te openen was nauwelijks denkbaar. Het was Marika Biacsics van NCZ Nederland die dit zei. Ze voegde eraan toe dat dit congres een bijzondere gelegenheid is, omdat nu de Wet medezeggenschap cliënten zorginstellingen (Wmcz2018) is goedgekeurd door de Tweede en Eerste Kamer en per 1 juli 2020 in werking zal treden. ‘Medezeggenschap is in feite invloed, mee beslissen dus’, zei ze. ‘De cliëntenraad wordt daarmee een kanaal voor inspraak.’

 

Joep Bartholomeus van LOC Waardevolle Zorg vulde aan: ‘Deze wet biedt concrete mogelijkheden om het gesprek aan te gaan met het bestuur van de instelling over hoe je zaken regelt voor mensen die zorg nodig hebben. Gebruik die wet dus om dat te doen en gebruik ook de ondersteunende middelen om vertrouwd te raken met de mogelijkheden die de wet biedt: scholing, brochures, websites, nieuwsbrieven en bijeenkomsten als deze.’

Verbinding tussen mens en systeem

De eerste lezing in het plenaire deel van het congres werd verzorgd door Alex Brenninkmeijer, voormalig Ombudsman en tegenwoordig lid van de Europese Rekenkamer. Nederland is sterk in onderlinge betrokkenheid in de samenleving, vertelde hij. Dat weerspiegelt zich in het grote aantal vrijwilligers, en ook in de actieve inbreng van cliëntenraden in de zorg.

‘Die zorg raakt de wereld van mens en systeem waarmee ik mij in mijn werk als Ombudsman ook heb beziggehouden’, zei hij. ‘Er is geen meetlat voor hoe je die twee in de zorg verbindt. De bestuurder in de zorg heeft te maken met een context die heel complex is door wet- en regelgeving, budgettering en toezichthouders. Dat geeft spanning tussen mens en systeem en dat maakt het extra belangrijk om serieus werk te maken van die verbinding.’

Vier elementen spelen een rol om dit goed te kunnen doen in de relatie tussen cliëntenraad en organisatie, stelde hij: persoonlijk contact, mensen serieus nemen, ze met respect bejegenen en hen vertrouwen en met vertrouwen tegemoet treden. Voor dit laatste bestaat ook alle reden, voegde hij hieraan toe. Als Ombudsman had hij eens aan het Ministerie van Justitie gevraagd te onderzoeken hoeveel procent van de mensen deugt. Slechts 1,34 procent deugt niet, was het antwoord. 98,66 procent dus wel.

Brenninkmeijer noemde de Wmcz2018 een leuke wet, omdat die cliëntenraden en bestuurders heel veel verschillende mogelijkheden biedt om tot verbinding te komen. ‘Dus ga op zoek naar de mogelijkheid die het best bij uw situatie past’, zei hij. ‘En gebruik de vier punten om te zien wat u in redelijkheid van de zorgaanbieder mag verwachten. Wees daarbij niet bang om fouten te maken, want dat mag natuurlijk best. Media en politiek wekken de indruk dat het een zooitje is in Nederland, dat er heel veel fout gaat en dat hier direct op moet worden gereageerd met nieuwe regelgeving. Dat is natuurlijk flauwe kul. Meer dan 95 procent gaat gewoon goed.’

Iedereen cliëntenraadslid

Het advies dat Biacsics ’s ochtends had gegeven om niet te wachten tot de Wmcz2018 in 2020 in werking treedt, maar er nu al werk van te maken, was bij Zorgbalans niet tegen dovemans oren gezegd. Het plenaire deel van het congres ’s middags opende met een gesprek van dagvoorzitter Hadassah de Boer met Tamara Pieterse en Gerard Oude Engberink, respectievelijk bestuurder en vicevoorzitter van de cliëntenraad van Zorgbalans. ‘Vooruitlopend op de nieuwe wetgeving hadden wij als organisatie en cliëntenraad de behoefte om de toekomst van de medezeggenschap vanuit de samenwerking vorm te geven’, vertelde Pieterse. ‘We wilden dit doen door de medezeggenschap zo dichtbij mogelijk te organiseren, door alle cliënten en naasten een stem te geven. Iedereen cliëntenraadslid dus, en daarnaast een centrale cliëntenraad voor de grote thema’s.’

Een beslissing die goed blijkt uit te vallen, vulde Oude Engberink aan. ‘Iedereen voelt dat hij ertoe doet, dat hij mag meedenken’, zei hij. ‘Dat kan om ogenschijnlijk kleine dingen gaan – het restaurant openen om 12.30 uur in plaats van om 12.00 uur bijvoorbeeld – maar het zijn wel juist de dingen die voor de cliënten het verschil maken.’ En het werkt ook op hoger niveau, stelde Pieterse. ‘In beleidsbeslissingen wordt de centrale cliëntenraad direct meegenomen.’ Natuurlijk is het nog wennen, vonden beiden. ‘Je bouwt samen aan de nieuwe situatie’, zei Pieterse. ‘De ene locatie heeft daar meer tijd voor nodig dan de andere. Dat moet je ruimte geven.’ Oude Engberink vulde aan: ‘De vier aandachtspunten van Alex Brenninkmeijer zijn daarbij richtinggevend.’

Cliëntenraden laat je stem horen

Ernst van Koesveld, directeur-generaal langdurige zorg bij het ministerie van VWS, onderstreepte het belang van cliëntenraden aan de hand van het onderscheid tussen bedrijfsleven en zorg. ‘Als het je bij een bedrijf of aanbieder niet bevalt, kun je stemmen met de voeten’, zei hij. ‘In de zorg geldt dat minder, want als je al in zorg zit kun je daar niet zomaar uit weglopen. Dan is het des te belangrijker dat je je stem kunt laten horen en kunt meedenken over hoe de zorg wordt vormgegeven. De Wmcz geeft daar een wettelijk kader aan en dat is waardevol. Het geeft een stimulans aan democratie en goed bestuur in een zorginstelling.’ Veerkrachtig samenwerken vond hij daarbij goed gekozen als thema voor het congres. ‘In overleg moet je soms terugveren om verder te komen’, verduidelijkte hij. ‘De kracht van de verbinding met de cliënt is essentieel, maar zonder samenwerking lukt het niet.’

Van Koesveld ging onder leiding van De Boer kort in gesprek met twee vertegenwoordigers van cliëntenraden: Jennifer Alvarez (GGZ inGeest) en Marie van der Meulen (Trivium Meulenbelt Zorg). Beiden hadden een persoonlijke reden om actief te worden in de cliëntenraad. Alvarez omdat ze cliënt is geweest en Van der Meulen omdat haar moeder in het verpleeghuis woont. Een waardevolle stap, vonden beiden. ‘Je moet altijd je stem laten horen’, zei Alvarez. ‘In ons geval hebben we daarmee bereikt dat we heel betrokken zijn bij bestuurlijke beslissingen en dat het ons is gelukt ervaringsdeskundigheid een sterke plaats in de organisatie te geven.’ Van der Meulen: ‘In goede verhouding met het bestuur kun je heel veel betekenen. Ik ben er vooral trots op dat er meer aandacht voor het welzijn van de cliënten is gekomen.’ In antwoord op de vraag van Van Koesveld wat de Wmcz2018 gaat brengen zei zij dan ook: ‘Die zal in ons geval niet meer zoveel invloed hebben, we zijn al jaren bezig met de bedoeling ervan.’

Van Koesveld sloot af met het advies om “te gluren bij de buren”. ‘Zoek elkaar op’, zei hij, ‘gebruik de energie die je bij elkaar ziet. De situaties kunnen verschillen, maar de belangen zijn overal in de zorg hetzelfde.’

Handreiking inspraak

Vilans werkt in opdracht van het ministerie van VWS aan een Handreiking inspraak. Het is de bedoeling dat die cliëntenraden een praktische leidraad geeft voor het organiseren van de inspraak in een zorginstelling. De handreiking, mede tot stand gekomen met inbreng vanuit cliëntenraden, is op 31 december definitief en zal korte tijd later online voor alle cliëntenraden beschikbaar worden gesteld, in de volledige en in een beknopte versie.

Geen reactie's

Geef een reactie

Meer weten over onze organisatie? Neem contact op 06-51222505 of gebruik het contactformulier.
Do NOT follow this link or you will be banned from the site!